Aardbodem in Limburgse mijnstreek met 30 cm gestegen

14/07/12 om 07:21 - Bijgewerkt om 07:21

(Belga) De mijngebieden in Eisden en Genk liggen 30 centimeter hoger dan twintig jaar geleden. Dat komt door de opwaartse druk van het water dat na de mijnsluitingen in de diepe mijngangen is gelopen. Het bericht staat zaterdag in Het Belang van Limburg.

Rond de oostelijke mijnzetels, bij Eisden en Genk, stijgt de bodem met 3 millimeter tot 2,3 centimeter per jaar, zo blijkt uit geologisch onderzoek met satellietmetingen dat startte in 1992, na de laatste mijnsluiting. Er worden maximale hoogteverschillen van een halve meter verwacht. In het westelijk gebied van het Kempens steenkoolbekken (Beringen en Heusden-Zolder) zijn de mijnverheffingen nog maar pas begonnen. Daar waren er tot twee jaar geleden nog mijnverzakkingen. Het westelijke gebied zal naar verwachting maar half zo veel stijgen als het oostelijke. Volgens het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen merken de inwoners van de mijnstreek niets van de mijnverheffingen omdat ze zeer geleidelijk verlopen en zich over een groot gebied uitstrekken. Van de verheffingen wordt ook geen schade verwacht, zoals dat wel het geval was bij de vroegere mijnverzakkingen. Grootste voordeel van de verheffingen is dat de mijnverzakkingsgebieden minder overstromingsgevoelig worden. Het nadeel is dan weer dat aardbevingen sterker voelbaar kunnen worden door de geleiding van het water. In totaal zijn sinds 1992 de hoogteverschillen van ongeveer 36.000 punten in het Kempense steenkoolbekken tot op de millimeter nauwkeurig gemeten. (FUL)

Onze partners