Urbain Vandormael
Urbain Vandormael
Blogt over de autosector
Opinie

22/04/13 om 14:03 - Bijgewerkt om 14:03

Tussen droom en werkelijkheid

Is er nog plaats voor de auto in het verkeer van morgen?

Tussen droom en werkelijkheid

Als de voorspellingen bewaarheid worden, woont straks driekwart van de bevolking in megasteden van tien, twintig en dertig miljoen inwoners. Dit soort metropolen bestaat nu al in Azië en Midden-Amerika. Het verkeer staat er nagenoeg stil en veroorzaakt enorme luchtvervuiling. Het verkeer van morgen vergt innovatieve oplossingen.

Tussen droom en werkelijkheid bestaat een wereld van verschil. De economie in landen als China en Zuid-Korea boomt als nooit tevoren, de autoverkoop neemt er nog elk jaar toe. Want ook daar staat de auto symbool voor individuele vrijheid en mobiliteit. Maar op straat is daar niks van te merken, integendeel. De meeste tijd staat het verkeer in Peking, Shanghai of Seoul quasi stil en verlies je oneindig veel tijd in ellenlange files. Bovendien wordt de lucht verpest door de schadelijke uitlaatlassen. Voor geen geld van de wereld wil ik leven in dit soort megasteden, de levenskwaliteit is er beneden nul en ik kan mij niet voorstellen dat je er oud wilt (kunt) worden.

Uitwegen uit de impasse
Politiek en industrie zoeken naar uitwegen. De politiek erkent dat de auto vooralsnog niet weg te denken is uit het verkeer en legt daarom zeer strenge emissienormen op. Op termijn kunnen enkel elektrisch aangedreven voertuigen of auto's op waterstof aan die normen voldoen. Op een internationaal forum in Stuttgart met eminente sprekers uit politiek en industrie was te horen dat de constructeurs voorlopig nog alle opties openhouden. Dat versterkt het vermoeden dat beide systemen zullen worden toegepast op voorwaarde dat ze gebruikmaken van hernieuwbare energie en dat de industrie een oplossing vindt voor het gewicht en de recyclage van de accu alsook voor het opslaan van waterstof in de auto. Er moet ook werk worden gemaakt van de uitbouw van een bevoorradingsinfrastructuur, van oplaadpalen en stroombedrading in de rijweg tot waterstofstations. In afwachting zullen de zogenaamde plug-in-hybrides (combinatie van elektro- en conventionele motor) een deel van de automarkt veroveren en zullen we almaar meer overschakelen op biobrandstoffen. De automerken - denk aan Renault en Nissan - die deze tussenstap hebben willen overslaan, zouden hun overmoed weleens duur moeten betalen.

Innovaties die hun tijd (te) ver vooruit zijn, blijken vaak een slechte investering te zijn. In het concreet geval van de elektromotor is het ook zo dat de constructeurs niet of onvoldoende kunnen rekenen op ruggensteun van de politiek. De openbare besturen hebben niet de verhoopte bestellingen geplaatst, waardoor de verkoop van elektrische auto's ver beneden de verwachtingen blijft. Dat maakt dat de investeringskost over te kleine productieaantallen moet worden afgeschreven, wat een verklaring is voor de nog altijd veel te hoge prijs van de elektrische auto's. Zeker vanuit het oogpunt van een particuliere gebruiker.

Bezit eigen auto wordt onbetaalbare luxe De stadsauto van de toekomst zal er ook anders uitzien, omdat een elektromotor of fuel cell veel minder componenten bezit, minder plaats inneemt en minder zwaar is. De stadsauto van morgen zal quasi volledig uit kunststoffen en lichte metalen bestaan en zal minder veiligheidsvoorzieningen aan boord hebben, omdat de rijassistentiesystemen het risico op ongevallen tot quasi nul zullen herleiden.

In de toekomst zal het bezit van een eigen wagen een onbetaalbare luxe worden. Stel je voor dat in een stad van 35 miljoen inwoners elk gezin over een eigen auto beschikt. Dan creëer je niet alleen stilstaand verkeer maar ook een gigantisch parkeerprobleem. En dus komen alternatieven als autodelen op tafel. De ervaring leert dat één zo'n auto acht tot tien privéwagens vervangt. Ook gecombineerd vervoer zal meer en meer ingang vinden waarbij zowel de eigen auto, scooter, fiets als het openbaar vervoer als vervoermiddel worden gebruikt. Uit een grootschalig trendonderzoek in Duitsland blijkt dat 77 procent van de ondervraagden een ondergeschikte rol ziet weggelegd voor de auto als mobiliteitsmodule. Voor heel wat jongeren is het bezit van een eigen auto niet langer een streefdoel. En dat uitgerekend in hét autoland Duitsland. Desondanks gaat de Duitse minister van Leefmilieu Altmaier uit van een verdubbeling van het autopark - wereldwijd - tegen 2030. Dat houdt in dat de CO2 -uitstoot nog zal toenemen, ondanks dat nieuwe auto's 10 à 20 procent zuiniger zijn. Het slotwoord in Stuttgart was voor BMW-topman Norbert Reithofer die bereid is de handschoen op te nemen en die de auto niet als een uitloopmodel maar als een product met toekomst ziet. Hij anticipeerde hiermee op de belofte van minister Altmaier dat de Deutsche Post en de Deutsche Bahn hun autovloot in versneld tempo zullen uitrusten met elektrisch aangedreven wagens. Dat is een eerste stap in de goede richting maar daarmee is de mobiliteitsproblematiek niet opgelost. We zijn inderdaad aanbeland op een kruispunt van wegen waar niemand van weet waar die ons naartoe voeren. En dat is geen geruststellend vooruitzicht, voor niemand.

Onze partners