Urbain Vandormael
Urbain Vandormael
Blogt over de autosector
Opinie

12/11/13 om 08:48 - Bijgewerkt om 08:48

Applaus en kritiek voor Audi

Audi is een succesverhaal. Nadat het eerst Mercedes-Benz is voorbijgesneld, heeft het nu BMW in het vizier. Aan zelfvertrouwen geen gebrek, maar volstaat dat om marktleider te worden in het premiumsegment?

Applaus en kritiek voor Audi

Audi A8 © GF

Mercedes-Benz was decennialang dé nummer één onder de (Duitse) premiummerken, maar daar is sinds enkele jaren verandering in gekomen. BMW heeft de koppositie van Mercedes-Benz overgenomen, dankzij een slimme modellen- en prijzenpolitiek. BMW focuste voluit op sportiviteit, bezorgde zijn klanten 'Freude am Fahren' en bouwde zijn gamma in de breedte uit - voor elk wat wils én dat tegen een iets lagere prijs dan de grote concurrent uit Stuttgart. BMW slaagde er ook in nieuwe marktniches te creëren - denk aan de X5 en X3, én het speelde sneller en gepaster in op veranderingen in de samenleving. Een automerk moet nu ook oplossingen aanbieden op het vlak van mobiliteit die verdergaan dan het ontwerpen van een nieuwe auto. Het is geen toeval dat BMW als eerste Duits premiummerk een elektrische stadsauto (i3) in de showroom heeft staan die daar in de loop van 2014 het gezelschap krijgt van een elektrisch aangedreven futuristische sportscar (i8) die zo uit een James Bond-film lijkt weggeplukt.

Vorsprung durch Technik?

Toch zit Audi marktleider BMW op de hielen, de afstand wordt elke dag kleiner. Het zou dus kunnen dat Audi-baas Rupert Stadler sneller dan gepland zijn objectief bereikt. Ten laatste in 2020 wil Audi nummer één zijn, met zo'n 2,2 miljoen verkochte wagens.

De basis van het succes werd gelegd door Ferdinand Piëch, de kleinzoon van Ferdinand Porsche en dat niet alleen. Hij was en is nog altijd een briljante ingenieur én een uitermate ambitieus iemand. Om zijn doel te bereiken, zijn alle middelen goed. In 1972 stapte hij over van Porsche naar Audi, uit onvrede met de gang van zaken bij de sportwagenfabrikant. Door zijn toedoen groeide Audi uit van een onbetekenend tot een toonaangevend merk. Piëch maakte schoon schip met het verleden en investeerde voluit in technologische vernieuwing. Hij introduceerde - als eerste automerk - vierwielaandrijving (quattro) op volumemodellen, verving staal door aluminium om gewicht te besparen en pakte uit met krachtige en zuinige dieselmotoren (TDI). Piëch gaf daarmee inhoud aan de slogan Vorsprung durch Technik.

In de daaropvolgende jaren is Audi die technologieën blijven perfectioneren, en heeft het met Walter de Silva de beste designer van zijn generatie in huis gehaald die Audi een afgelijnd en herkenbaar gezicht gaf. Het merk plukt daar nu de vruchten van. De verkoop blijft gestaag toenemen, vooral dan in China waar over afzienbare tijd de kaap van 1 miljoen wagens op jaarbasis wordt overschreden. Audi bouwt daar en in Mexico twee nieuwe fabrieken, om aan de stijgende vraag te kunnen voldoen. Dankzij de synergiën met VW en de zustermerken Seat en Skoda kan Audi tot 20 procent goedkoper produceren dan zijn concurrenten. Daardoor kan het zijn auto's goedkoper verkopen en toch nog meer geld verdienen dan BMW en Mercedes-Benz. Audi is hét uithangbord van de Volkswagen-groep geworden en het levert ongeveer de helft van de winst van de Volkswagen-groep. Voor 2014 en de daaropvolgende jaren plant Audi een reeks nieuwe modellen waarmee het BMW wil aftroeven. Dat geldt in het bijzonder voor het Q-gamma dat wordt uitgebreid met een Q4 en Q6 terwijl de bestaande Q3, Q5 en Q7 een nieuw kleedje krijgen aangemeten.

Het gaat dus zeer goed met Audi, al is her en der ook kritiek te horen. Zo is Audi niet langer synoniem van technologische vernieuwing. BMW en Mercedes-Benz staan verder met de implementatie van alternatieve aandrijfsystemen in hun seriemodellen. Die gebruiken ook almaar meer veredelde (peperdure) kunststoffen die meer mogelijkheden en voordelen bieden in de productie dan aluminium. Off the record is bovendien te horen dat de rendabiliteit onder druk staat en dat het einde van de vette jaren ook bij Audi in zicht is. De kritiek komt in eerste instantie vanuit de entourage van VW-baas Martin Winterkorn en dat is geen goed nieuws voor Audi-baas Stadler van wie tot nog toe werd aangenomen dat hij de grootste kanshebber is om Winterkorn op te volgen als operationele baas van het VW-concern. Het is wachten op een signaal van patriarch Ferdinand Piëch en diens vrouw Ursula alvorens definitieve uitspraken te doen over de wissel aan de top van de merkengroep.

Geslaagde facelift van topmodel A8

Audi is er weliswaar in geslaagd om Mercedes-Benz voorbij te steken, maar de A8 heeft nooit de koppositie van de S-klasse kunnen bedreigen. De A8 heeft net een grondige facelift ondergaan, en is op een aantal domeinen de evenknie van de S-klasse. Zo is de Audi A8 met zijn 8-cilinder dieselmotor de snelste dieselauto op de markt. Quasi alle A8-versies zijn standaard uitgerust met vierwielaandrijving en een uitstekende achttrapsautomaat, het MMI-navigatiesysteem is gewoon het beste in zijn soort en de nieuwe led-koplampen garanderen maximale lichtsterkte onder alle omstandigheden. Ook qua rij- en zitcomfort schuift de A8 op in de richting van de superieure S-klasse, maar de beste limousine ter wereld wordt hij daarmee niet. Daarvoor mist hij dat tikkeltje prestige en voorgeschiedenis dat potentiële klanten telkens weer voor de S-klasse doet kiezen. Zowel de Mercedes S-klasse als de Audi A8 en BMW 7 zijn topklasse auto's, de onderlinge verschillen op het vlak van prestaties en comfort zijn miniem. Waarom een klant voor een van de drie kiest, hangt uiteindelijk af van persoonlijke voorkeuren en minder van objectieve criteria.


Founding fathers August Horch en Ferdinand Piëch

Een blik in de geschiedenis leert dat Audi het levenswerk is van August Horch, die begin van de twintigste eeuw naam verwierf als constructeur van topklasse auto's voor de rijken der aarde. In 1901 verliet de eerste Horch de fabriek in Zwickau, in het oosten van Duitsland. Onenigheid met zijn aandeelhouders leidde ertoe dat hij een nieuw autobedrijf oprichtte onder de naam Horch Audiwerke GmbH, kortweg Audi. Maar de economische crisis van einde van de jaren twintig en begin van de jaren dertig gooide roet in het eten. Om een dreigend faillissement af te wenden, fusioneerden vier Duitse automerken (Audi, Horch, DKW en Wanderer) tot één merk. Auto Union koos als logo voor vier ringen. Na de Tweede Wereldoorlog kwam Zwickau onder Russisch bestuur en verhuisde de productie in twee etappes van Oost- naar West-Duitsland - eerst naar Düsseldorf en vervolgens naar Ingolstadt in Beieren. Van 1958 tot 1965 was Auto Union in handen van Mercedes-Benz maar dat had in zijn portfolio geen plaats voor goedkope modellen en verkocht zijn aandelen aan Volkswagen. Met als toegift de kant-en-klare plannen voor een middenklasser, die datzelfde jaar nog als Audi 60 een geslaagde entree zou maken. In 1968 kwam de Audi 100 op de markt en een jaar later lijfde Auto Union het zwaar verlieslatende NSU in. Maar de klap op de vuurpijl was de overstap in 1972 van Ferdinand Piëch van Porsche naar Audi. Door zijn toedoen groeide Audi uit van een onbetekenend tot een toonaangevend automerk.

Lees meer over:

Onze partners